﴿ ١ ﴾
بِسْمِ ٱللَّهِ ٱلرَّحْمَٰنِ ٱلرَّحِيمِ ٱلْقَارِعَةُ
Al qaari'ah
101:1De Daverende (De Dag der Opstanding).
Uitleg & tafsir
In helder Nederlands
De soera begint niet met uitleg maar met een slag: al-Qâri‘a, ‘de Daverende’. Het is een van de namen van de Dag der Opstanding — de Dag die op de harten beukt en de mensen opschrikt. Nog vóór er iets verteld wordt, wordt het woord zelf neergezet als een waarschuwing.
Wat de geleerden zeggen
as-Sa'dî
{De Daverende}: een van de namen van de Dag der Opstanding. Zij is zo genoemd omdat zij de mensen treft (taqra‘) en hen met haar verschrikkingen opschrikt. Daarom heeft Allah haar geweldig en ontzagwekkend gemaakt door te zeggen: {De Daverende. Wat is de Daverende? En wat doet jou weten wat de Daverende is?}
Ibn Kathîr
{De Daverende} (al-Qâri‘a) is een van de namen van de Dag der Opstanding, zoals al-Hâqqa, at-Tâmma, as-Sâkhkha, al-Ghâshiya en andere namen.
Ibn al-Qayyim
Ibn al-Qayyim verklaart de constructie ﴾al-Qâri‘a — mâ l-Qâri‘a﴿ als een taalkundige fijnzinnigheid: het woord ‘mâ’ (wat) is hier oorspronkelijk een vraag, maar bedoeld tot verheerlijking en ontzagwekking (tafkhîm en tahwîl). De vraagvorm sluipt erin omdat men de onmacht wil tonen om de zaak te omvatten en te beschrijven: het is alsof het iets is waarnaar men vraagt omdat men de ware aard ervan niet kent — en daarom plaatst men het in het hoofdstuk van de vraag, dat juist dient voor wat onbekend is. Zo kwam ook: ﴾De Daverende! Wat is de Daverende?﴿ en ﴾De Onontkoombare! Wat is de Onontkoombare?﴿ — dat wil zeggen: haar beschrijving wordt door niemand omvat.