﴿ ١ ﴾
بِسْمِ ٱللَّهِ ٱلرَّحْمَٰنِ ٱلرَّحِيمِ أَلَمْ نَشْرَحْ لَكَ صَدْرَكَ
Alam nashrah laka sadrak
94:1Hebben Wij niet jouw borst verruimd (O Mohammed)?
Uitleg & tafsir
In helder Nederlands
De soera opent niet met een verwijt, maar met een vraag vol troost: hebben Wij niet jouw borst voor je verruimd? Een enge, beklemde borst laat zich nauwelijks naar het goede voeren — en juist die heeft Allah wijd gemaakt: ruim voor het geloof, de oproep, de edele karaktertrekken en het Hiernamaals. Voor de Boodschapper ﷺ, en voor wie hem volgt naar de mate van zijn navolging.
Wat de geleerden zeggen
as-Sa'dî
Allah, de Verhevene, zegt en herinnert Zijn Boodschapper aan Zijn gunst: {Hebben Wij niet jouw borst voor je verruimd?} — dat wil zeggen: Wij hebben haar wijd gemaakt voor de wetten van de godsdienst, voor de oproep tot Allah, voor het zich tooien met de edelste karaktereigenschappen, voor het zich keren naar het Hiernamaals en voor het gemakkelijk maken van de goede daden. Zij was dus niet eng en beklemd, een borst die zich nauwelijks naar het goede laat voeren en die je nauwelijks open en ruim aantreft.
Ibn Kathîr
Allah, de Verhevene, zegt: {Hebben Wij niet jouw borst voor je verruimd?} — dat wil zeggen: hebben Wij jouw borst niet voor je geopend? Wij hebben haar verlicht en haar wijd, ruim en uitgestrekt gemaakt, zoals Zijn woord: {En wie Allah wil leiden, diens borst opent Hij voor de islam} (al-An‘âm 6:125). En zoals Allah zijn borst verruimde, zo maakte Hij ook Zijn wet wijd, ruim, verdraagzaam en gemakkelijk, zonder enige beklemming, last of nauwte daarin. Er is ook gezegd dat het verruimen van zijn borst de gebeurtenis in de nacht van de Hemelreis (al-Isrâ’) betreft, zoals overgeleverd in de hadith van Mâlik ibn Sa‘sa‘a; at-Tirmidhî haalt die hier aan. Ook al heeft dit plaatsgevonden, er is geen tegenstelling: tot het verruimen van zijn borst behoort zowel wat in de nacht van de Hemelreis met zijn borst werd gedaan, als het geestelijke verruimen dat daaruit voortkwam. En Allah weet het het beste.
Ibn al-Qayyim
Ibn al-Qayyim hoorde een reciteerder de verzen {Hebben Wij niet jouw borst voor je verruimd? En Wij hebben jouw last van je weggenomen} lezen, en zei: Allah heeft de borst van Zijn Boodschapper ﷺ ten volle verruimd, Zijn last volledig van hem weggenomen en zijn faam ten volle verheven — en Hij heeft Zijn volgelingen daarin een aandeel gegeven, want elke gevolgde heeft volgelingen die deel hebben aan zijn lot, in goed en kwaad, naar de mate waarin zij hem volgen. De mens die de Boodschapper ﷺ het meest volgt, is dan ook degene met de meest verruimde borst, de lichtst gedragen last en de meest verheven faam; en naarmate zijn navolging sterker wordt in kennis, daad, gesteldheid en strijd, worden deze drie zaken sterker, tot zijn borst de meest verruimde van de mensen is en zijn faam de meest verhevene in de werelden. Deze drie zaken zijn onlosmakelijk verbonden, zoals hun tegendelen onlosmakelijk verbonden zijn: de lasten en zonden knijpen de borst samen en maken haar eng, en doven de faam en verlagen die.